Copyright (c) 2017 DevH
www.vanHaaff.nl
Archief laatste nieuwtjes

Het Zand te Boxmeer
De Franse keizer Napoleon Bonaparte voerde tussen ca.1811-1835 de eigendomsregistratie in van al het onroerend goed. De bedoeling hiervan was -zoals u zal begrijpen- het opleggen van een "onroerend zaak belasting" die flink wat geld in het  laadje van de centrale overheid bracht.Groot voordeel was, dat er eindelijk via de eerste kadastrale minuut (overzichtskaart) bekend werd wie waar woonde. Lees verder

Op 18 maart j.l. was ik in het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven te Sint Agatha. Een prachtig klooster met diverse functies. Hier worden de archieven bewaard van een 100-tal Rooms Katholieke kloosters en instituten. Zo ook dat van het Pensionaat St. Louis uit Roermond waar grootvader Leonardus Johannes van Haaff tussen zijn 9e en 11 jaar verbleef. Van oktober 1878 t/m september 1880 zat Leonard op deze jongens-kostschool. In de bewaard gebleven vaccinatielijsten kwam ik hem onder nr. 489 tegen. Ingeënt tegen de koepokken.Een verplichting om aangenomen te kunnen worden. Uit het leerlingenregister blijkt dat hij onder nr. 1029 was ingeschreven, geboren te Tiel. Ga voor verdere wetenswaardigheden naar XVIIIa.

Eind februari 2016 In het rechterlijk archief van het Gelders Archief in Arnhem kwam ik het echtscheidingsvonnis  uit nov. 1938 tegen tussen oma Johanna Dorothea Elisabeth Smitt (1882-1945) en Pieter Andries de Ridder (1878-1939).
Ze was weduwe van Leonardus Johannes van Haaff (1869-1911). Hierna trouwde ze voor de tweede keer in 1920 te New York met Johannes van Dijk van wie zij in 1925 weer scheidde. Haar derde huwelijk met Pieter Andries de Ridder duurde slechts een half jaar omdat hij “vleselijke gemeenschap had met vrouwen anders dan zijn eigen vrouw”.

Theodorus Johannes van Haaff
verbleef voor hij trouwde met Jacoba de Boer een aantal jaren in Abcoude-Baambrugge. Hij kwam uit Amsterdam en gaat daar na zijn trouwen ook weer naar terug. Ik vroeg me af wat hij gedaan heeft in het niet stedelijk Baambrugge.
Het bevolkingsregister geeft enkele aanwijzingen. Ten eerste verblijft hij in huis bij de familie Schaap. Hij zit daar waarschijnlijk als kamerbewoner en als beroep wordt kantoorbediende opgetekend. Enkel jaren later staat hij als commissionair te boek.
Er zijn twee analyses mogelijk. Ten eerste is het mogelijk dat hij dagelijks als forens op en neer gaat naar Amsterdam. Maar dit lijkt niet echt waarschijnlijk. Ik denk dat hij in Abcoude werk had en gewoon dicht bij zijn werk wilde wonen. Maar dat is slechts een gedachte want feiten ontbreken.